Begraafplaats Hjerbeam

 

Informatie;

De begraafplaats valt onder de verantwoordelijkheid van de stichting;

Frysk
Oekumenysk Wurkferbân
Hjerbeam.

De administratie wordt verzorgt door dhr.  A. Reitsma. Email.   a.reitsma.jowhj@kpnmail.nl

De beheerder is dhr. F. Elzinga. Email. foppe.elzinga54@gmail.com

zie ook onderstaande link voor online begraafplaatsen.

Herbaijum – Nederlands hervormde Kerk Herbaijum – showbg begraafplaats.asp (online-begraafplaatsen.nl)

 

hieronder vindt u het reglement.

 

Reglement begraafplaats 2021

(Door op bovenstaande link te klikken kunt het reglement openen in Word)

Met ingang van 1 maart is onderstaand reglement in werking getreden voor het kerkhof van Herbayum. (Hjerbeam)

Reglement voor de begraafplaats van de Stichting Frysk Oekumenysk Wurkferbân Hjerbeam (FOWH).

Inhoudsopgave

Artikel(en)

  1. Algemene en bijzondere bepalingen.                                                                           1
  1. De begraafplaats.                                                                                                                            2-5
  1. Indeling van de begraafplaats en uitgiftetermijn van de graven.     6-9
  2. Vereisten voor begraving of bijzetting.                                                                       10-13
  1. Tarieven.                                                                                                                                                   14
  1. Verlenging en overgang grafrechten.                                                                            15
  1. Opgraving en ruiming van het graf.                                                                                 16-17
  1. Gedenktekens en grafbeplantingen.                                                                              18-19
  1. Einde van de grafrechten.                                                                                                          20
  1. Overgangs- en slotbepalingen .                                                                                             21-25
  1. Tarieflijst. —
  Algemene en bijzondere bepalingen.

 

Artikel 1.

In dit reglement wordt verstaan onder:

  1. bestuur: het bestuur van de Stichting Frysk Oekumenysk Wurkferbân Hjerbeam;
  2. begraafplaats: de begraafplaats bij de stichting in beheer, te weten de begraafplaats bij de Niklaastsjerke in Herbaijum;
  3. beheerder: degene die door het bestuur is belast met het beheer en de dagelijkse leiding van de begraaf­plaats alsmede degene die hem vervangt;
  4. administrateur: degene die door het bestuur is belast met de administratie en bevoegd is de in dit reglement bedoelde grafrechten en vergunningen af te geven;
  1. eigen graf: een particulier graf, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitslui­tend recht is verleend tot het doen begraven en begraven houden van een overledene en het bijzetten of doen verstrooien van daarin geplaatste asbus/urn;
  2. rechthebbende: de natuurlijke of rechtspersoon met een uitsluitend recht op een eigen graf, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden;
  3. grafrecht: het uitsluitend recht op een eigen graf;
  4. grafakte: de overeenkomst waarin overeenkomstig de bepa­lingen van dit reglement door of namens het bestuur een grafrecht wordt verleend;
  5. FOWH: Stichting Frysk Oekumenysk Wurkferbân Hjerbeam.

 

  1. De begraafplaats.

 

Artikel 2.

  1. Het beheer van de begraafplaats berust bij het bestuur.
  2. Onder toezicht van het bestuur worden een of meer daartoe door haar aangewezen personen belast met:
  3. de daar aanwezige administratie van de begraafplaats;
  4. het beheer van de begraafplaats;
  5. het onderhoud van de begraafplaats en van afzonderlijke graven;
  6. het delven of openen en sluiten van de graven.

 

Artikel 3.

  1. De administratie bevat:
  2. een register van alle op de be­graaf­plaats begraven stoffelijke overschotten, met een nauwkeurige aandui­ding van de plaats waar die begra­ven zijn en
  3. een register van alle bijgezette asbussen/urnen, met de krach­tens de wet voorgeschreven gegevens, waaronder de plaats van bijzetting van de asbus/urn op de begraafplaats.
  4. De administratie bevat een register van alle rechthebben­den van de graven, met hun namen en adres­sen en eventuele e-mailadres.
  5. De rechthebbenden, en eigenaren van gedenktekens, zijn verplicht de wijzi­ging van hun adres en hun e-mailadres aan het bestuur door te geven.
  6. Van de begraafplaats berust bij de administratie een platte­grond, waarop de graven genummerd zijn aangeduid. Deze nummering stemt overeen met de op het terrein, door middel van nummerpaaltjes, aangegeven ligging.
  7. De in het eerste lid bedoelde registers zijn openbaar; het in het tweede lid bedoelde register niet. Van de in het eerste lid bedoelde registers en de in het vorige lid bedoelde plattegrond kan een ieder, doch van het in het tweede lid bedoelde register alleen rechtheb­benden of hun rechtsopvol­gers, tegen betaling van de daarvoor verschuldigde kosten inlichtingen of een uittreksel verkrijgen.

 

Artikel 4.

  1. De begraafplaats is voor bezoekers dagelijks toegankelijk tussen zonsopgang en -ondergang. Kinderen beneden de 12 jaar hebben slechts toegang indien zij zijn vergezeld van een volwassene. Het is verboden zonder noodzaak over de graven te lopen, beplantingen te beschadigen of bloemen te plukken.
  1. In verband met werkzaamheden op de begraafplaats kan de beheerder bezoekers de toegang tot (een deel van) de begraaf­plaats tijdelijk ontzeggen.
  2. Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en andere op de begraafplaats aanwezige of werkzame personen dienen zich ordentelijk te gedragen en zo nodig de aanwijzingen van de beheerder op te volgen.
  3. Het is aan steenhouwers, hoveniers en andere personen verboden, anders dan met schriftelijke of mondelinge toestemming van of namens het bestuur, werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen of anderszins op de begraafplaats te verrichten.
  4. Personen die handelen in strijd met dit reglement en zich niet houden aan de aanwijzingen van de beheerder, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen.
  5. Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaats moeten ten minste vijf dagen tevoren worden aangevraagd. De beheerder bepaalt in overleg met de aanvrager datum en uur van de plechtigheid. Bijeenkomsten die het karakter van een openbare manifestatie hebben en naar het oordeel van het bestuur de orde, rust en netheid van de begraafplaats kunnen verstoren, kunnen door het bestuur worden verboden.
  6. Bij het opgraven van overledenen en het ruimen van graven zijn geen andere personen aanwezig dan degenen die met deze werkzaamheden zijn belast.

 

Artikel 5.

  1. Het begraven van overledenen en het bijzetten van asbussen/urnen, geschiedt op maandag tot en met zaterdag tussen 8.00 en 15.30 uur. Begra­ving en bijzetting op een zondag of een algemeen erkende feestdag of op afwij­kende tijdstippen is, behoudens in bijzondere gevallen met toestemming van het be­stuur, niet toege­staan.
  1. Het tijdstip van begraven en bijzetten wordt telkens en voor elk geval afzonderlijk door de beheerder, in overleg met de betrokken aanvrager of rechthebbende, vastgesteld.

 

  1. Indeling van de begraafplaats en uitgiftetermijn van de graven.

 

Artikel 6.

  1. Graven worden uitgegeven aan één persoon of rechtspersoon. Het grafrecht wordt alleen verleend voor overledenen die inwoner zijn of zijn geweest van Herbaijum, of een binding hebben met het FOWH. In bijzondere gevallen ter beoordeling aan het bestuur kan hiervan worden afgeweken.
  2. Een graf is groot 2 bij 0,90 meter en bestemd voor de begraving van één persoon en eventueel bijplaatsen van maximaal twee asbussen/urnen of een urnenkelder.
  3. Er wordt begraven één diep, tot maximaal 1.50 m diepte.
  4. Het bestuur behoudt zich het recht voor de indeling van de begraafplaats te wijzigen.

 

Artikel 7.

  1. De begraafplaats biedt gelegenheid tot het begraven van overledenen in:

eigen graven en het bijzetten van asbussen/urnen in eigen graven.

  1. Eigen graven worden uitgegeven voor een termijn van twintig jaren. Deze termijn wordt telkens met tien jaar verlengd op verzoek van de rechtheb­bende, mits een zodanig verzoek binnen twee jaar vóór het ver­strijken van de termijn is gedaan. De verlenging kan door het bestuur niet worden geweigerd.
  2. Het recht op een eigen graf geeft de rechthebbende het uitsluitend recht daarin te doen begraven en begraven te houden of asbussen/urnen te plaatsen.
  3. Het in het tweede lid en derde lid bedoelde grafrecht wordt schriftelijk geves­tigd door middel van een grafakte. Rechthebbenden of hun rechtsopvol­gers kunnen, tegen betaling van de daarvoor verschuldigde kosten, een duplicaat akte verkrijgen.

 

Artikel 8.

  1. Een asbus/urn kan enkel worden bijgezet in een eigen graf.
  2. Bij gebruik van een urnenkelder bedraagt de diepte maximaal 0,50 meter. Een urnenkelder kan alleen geplaatst worden in een eigen graf waar geen afdekplaat aanwezig is.
  3. Bijzetting van een asbus/urn impliceert dat de rechthebbende opdracht geeft tot wijziging van de bestemming van de as in die zin dat de as dient te worden verstrooid, indien het grafrecht niet wordt ver­lengd en niet tijdig een andere bestemming kenbaar is gemaakt.
  4. Plaatsing van een asbus/urn of urnenkelder kan alleen plaats vinden in aanwezigheid van de beheerder.

 

Artikel 9.

  1. Ingeval van een eigen graf mag buiten de genoemde maatvoering van 2 bij 0,90 meter geen beplanting worden aangebracht noch mogen steentjes of schelpen hierbuiten worden neer gelegd. Binnen de maatvoering van het graf aangebrachte beplanting mag niet buiten de maatvoering van het graf overhangen.

 

  1. Vereisten voor begraving of bijzetting.

 

Artikel 10.

  1. Degene die een overledene wil doen begraven of een asbus/urn of urnenkelder wil doen bijzetten of as wil verstrooien, of zijn gemachtigde, geeft daarvan uiter­lijk om 12.00 uur van de dag voorafgaande aan de dag waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaatsvinden, kennis aan de beheerder, onder gelijktijdige voldoening van de daarvoor verschul­digde rechten.
  2. Indien de burgemeester verlof heeft verleend om het stoffelijk overschot binnen 36 uur na het overlijden te begraven moet de kennisgeving aan de beheerder zo tijdig mogelijk worden gedaan.
  3. Bij de in het eerste lid bedoelde kennisgeving dient het verlof tot begraving van de ambtenaar van de burgerlijke stand of een ander wettelijk daarmee gelijkgesteld docu­ment te worden overgelegd.
  4. Indien het stoffelijk overschot binnen 36 uur na het overlijden wordt begraven dient behalve het in het derde lid bedoelde verlof of document ook het in het tweede lid bedoelde verlof van de burgemeester te worden overgelegd.

 

Artikel 11.

  1. Het is verboden om een overledene te begraven in een zinken of andere metalen of kunststof (binnen)kist.
  2. Het is verboden om een overledene te begraven met gebruikmaking van een lijkhoes die niet voldoet aan de voorwaarden van het omhulsel besluit 1998.
  3. Het is verboden om in een kist of ander omhulsel voorwerpen of objecten bij te sluiten die niet tot de kist of het stoffelijk overschot behoren, anders dan kleine verteerbare grafgiften.

4        Bij het ter begraving aanbieden van een kist of ander omhulsel dient ten minste 24                   uur voorafgaand aan het tijdstip van begraving een schriftelijke verklaring te worden               overgelegd volgens een het bestuur vast te stellen model- omtrent de aanwezigheid              van de in voorgaande leden bedoelde materialen en voorwerpen. Indien van een                      hoes gebruik wordt gemaakt, zal de aanbieder tevens moeten overleggen:

  1. a) een afschrift van een rapport waaruit blijkt dat de gebruikte hoes voldoet aan de normen van het omhulsel besluit 1998 en
  2. b) een bewijs dat de betreffende hoes is aangekocht.

 

Artikel 12.

  1. Indien de begraving of de bijzetting in een eigen graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd. De machtiging moet zijn ondertekend door de rechthebbende. Indien de rechthebbende is overleden en hij in het graf moet worden begraven dan wel de asbus/urn met diens resten in het graf moet worden bijgezet, dient daaraan voorafgaand een verzoek tot overschrijving van de grafrechten als bedoeld in artikel 15, vierde lid, te worden gedaan.
  2. Begraving of bijzetting in een eigen kan alleen plaatsvin­den onder gelijktijdige verlenging van de uitgifte­termijn tot 20 jaar na deze begraving of bijzetting.
  3. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechtheb­bende of, indien deze is overleden, door een van de in artikel 15, vierde lid, bedoelde personen.
  4. De kosten van de in het tweede lid bedoelde verlenging bedragen een evenredig deel van de kosten volgens de tarieflijst, waarmee de verlenging de lopende termijn te boven gaat. Een eventuele volgende verlenging geschiedt op de voet van het bepaalde in artikel 7, tweede lid.
  5. Rechthebbenden en gebruikers zijn behalve grafrechten ook een bijdrage in het algemeen onderhoud van de begraafplaats verschuldigd; grafrechten en onderhoudsbijdragen dienen bij de uitgifte van een graf en een verlenging voor de gehele respectievelijk gehele verlengde termijn betaald te worden.

 

Artikel 13.

  1. De aanwijzing van de plaats van het graf geschiedt met inachtneming van het bepaalde in artikel 6, in overleg met de aanvrager, door de beheerder.
  2. Tot de begraving of bijzetting wordt niet overgegaan dan nadat:
  3. de beheerder heeft geconstateerd dat aan de in de artikelen 10 t/m 12 opgenomen vereisten is voldaan en
  4. alleen bij begraving van een overledene, de beheerder de identiteit van het stoffelijk overschot heeft vastgesteld door vergelijking van het op de kist of een ander omhulsel vermel­de registratienummer met dat op een bijgevoegd document dat tevens de namen, overlijdens- en geboortedata van de overledene dan wel de geslachtsnaam van de doodgeborene bevat.

 

  1. Tarieven.

 

Artikel 14.

  1. De kosten voor het vestigen, overdragen of verlengen van een grafrecht op een graf of voor bijzetting van een overledene in een bestaand graf, voor het delven of openen en sluiten van een graf, voor het algemeen onderhoud van de begraafplaats, toestemming voor het aanbrengen van een grafbedekking, van opgraving van een stoffelijk overschot, van ruiming van een eigen graf, alsmede de eventuele andere kosten die verband houden met het gebruik van de begraafplaats of het gebruik van andere ruimten en voorzieningen of begrafenisplech­tigheden en administratiekosten, worden jaarlijks vastgesteld door het bestuur en openbaar gemaakt in een tarief­lijst.
  2. Indien in dit reglement of in de tarieflijst voor bepaalde diensten en kosten niet anders is aangegeven, dienen de kosten binnen 30 dagen na factuurdatum te zijn voldaan.

 

  1. Verlenging en overgang grafrechten.

 

Artikel 15.

  1. Het bestuur doet binnen één jaar, voordat de termijn van het verleende grafrecht afloopt, aan de rechthebbende waarvan het adres bekend is schriftelijk mededeling van het verstrijken van de termijn.
  2. Indien niet binnen drie maanden na de verzending van de in lid 1 bedoelde mededeling om verlenging is verzocht, maakt het bestuur de mededeling bij het graf bekend en op het mededelingenbord van de begraafplaats. De aankondiging blijft beschikbaar tot het einde van het grafrecht. Hert hiervoor gestelde is ook van toepassing als geen actueel adres van de rechthebbende beschikbaar of bekend is.
  3. Een grafrecht kan op verzoek van de rechthebbende worden overgeschreven ten name van de echtgenoot, de geregistreerde partner of levenspartner dan wel een bloed- of aanver­want tot en met de derde graad. Over­schrijving ten name van een ander dan de vorenbedoelde personen of ten name van een rechtspersoon is slechts mogelijk, indien daarvoor ge­wichtige redenen bestaan. Overdracht is slechts mogelijk op naam van één (rechts)persoon.
  4. In geval van overlijden van de rechthebbende kan het grafrecht worden overgeschreven op naam van de echtgenoot, de geregistreerde partner of levenspartner dan wel een bloed- of aanver­want tot en met de derde graad, indien de aanvraag daartoe wordt gedaan binnen één jaar na het overlijden van de rechthebbende. Over­schrijving ten name van een ander dan de vorenbedoelde personen of ten name van een rechtspersoon is slechts mogelijk, indien daarvoor ge­wichtige redenen bestaan.
  5. Indien de in de vorige leden bedoelde overschrijving niet binnen de termijn van één jaar is gedaan, kan het bestuur het grafrecht vervallen verklaren.
  6. Een rechthebbende kan afstand doen van grafrechten, zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding.
  7. Bij elke overdracht of overboeking wordt een nieuwe grafakte verstrekt. Voor elke overdracht of overboeking zijn de eventueel daarvoor vastgestelde kosten verschul­digd.

 

  1. Opgraving en ruiming van het graf.

 

Artikel 16.

  1. Stoffelijke overschotten zullen, behalve op gezag van een gerechtelijke autoriteit, niet worden opgegra­ven dan met verlof van de burgemeester van de gemeente Waadhoeke en voor zover het eigen graven betreft niet dan met toestemming van de rechthebbende.
  2. Voor opgraving zijn kosten verschuldigd.

 

Artikel 17.

  1. Graven worden niet eerder weer in gebruik gegeven dan na afloop van een grafrust van 20 jaar na het begraven van het laatste stoffelijk overschot, tenzij bij wet een langere termijn is vastgesteld.
  2. Eigen graven worden niet eerder weer in gebruik gegeven dan na 20 jaar na het begraven van het laatste stoffelijk overschot ook wanneer het recht op de voet van het bepaalde in artikel 20 is vervallen.

 

  1. Gedenktekens en grafbeplantingen.

 

Artikel 18.

  1. Het plaatsen van monumenten, grafstenen, zerken of andere gedenk­tekens, alsmede het aanbrengen van heesters of andere beplantingen op graven door een rechthebbende geschiedt niet dan met toestemming van of namens het bestuur.
  2. Bij de schriftelijke aanvraag voor een gedenkteken door of namens een rechthebbende dient een werktekening te worden overgelegd. Bij de schriftelijke aanvraag voor een gedenkteken dient ook te worden aangegeven wie de eigenaar van het gedenkteken is, indien dit een andere persoon is dan de rechthebbende. Tevens dienen dan de naam, het adres, telefoonnummer en e-mailadres van de eigenaar te worden opgegeven.
  1. Voor de gedenktekens mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt zoals natuursteen, metaal, keramiek, gehard glas, duurzame kunststoffen of een verduurzaamde houtsoort. Alle onderdelen moeten vast aan het gedenkteken verbonden zijn.
  2. Een gedenkteken op een eigen graf is maximaal 0,90 meter breed; Gedenktekens mogen maximaal 1,20 meter hoog zijn.
  3. Grafbeplanting mag maximaal 1 meter hoog worden en niet buiten de maten van het graf (kunnen) overhangen.
  4. Toestemming voor het aanbrengen van een grafbedekking kan worden geweigerd indien naar het oordeel van het bestuur de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is, de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is, de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats of aan eventuele voorschriften niet wordt voldaan.
  5. Het (doen) plaatsen of aanbrengen van gedenkplaten en van monumen­ten, grafstenen, zerken of andere gedenktekens of van heesters of andere beplantin­gen op graven geschiedt door de rechtheb­bende.
  6. Het plaatsen of aanbrengen, herstellen of vernieuwen van monumen­ten, grafstenen, zerken, gedenkplaten of andere gedenk­tekens of van heesters of andere beplantingen op graven, komen voor rekening en risico van de rechthebbende.
  7. Rechthebbenden zijn verplicht grafmonumenten en grafbeplanting goed te onderhouden. Onder dit onderhoud wordt begrepen het rechtzetten, herstellen, vernieuwen, het bijkleuren of schilderen van stenen en hekwerken en ornamenten, het vergulden van opschriften alsmede het regelmatig dusdanig snoeien van winterharde gewassen zodat deze niet buiten de maatvoering van het graf overhangen, het verwijderen van dode beplanting en het verwijderen van buiten de maatvoering van het graf aangebrachte beplanting.
  8. Rechthebbende dient herstel en verwijdering van niet toegestane beplanting en materialen op de eerste aanzegging door of namens het bestuur uit te voeren binnen bij de aanzegging gestelde termijn. Indien hier geen gehoor aan wordt gegeven zal herstel of verwijdering in opdracht van de stichting plaatsvinden op kosten van de rechthebbende. Deze zal hiervoor vervolgens een factuur ontvangen.
  9. Rechthebbenden en gebruikers zijn verplicht om indien een andere persoon eigenaar van het gedenkteken wordt, terstond diens naam, het adres, telefoonnummer en e-mailadres aan het bestuur door te geven.

 

Artikel 19.

  1. De in artikel 18 bedoelde gedenktekens of beplantingen worden geacht voor rekening en risico van de rechthebbende of gebruiker te zijn aangebracht. Schade als gevolg van brand, vandalisme, vorst, wateroverlast en andere van buiten komende oorzaken, of ontstaan door het weghalen en terugplaatsen van een grafbedekking ten behoeve van een bijzetting, is voor rekening van de rechthebbende.
  2. De rechthebbende is verplicht de – door welke omstandigheden ook – aan een gedenkteken of beplanting toegebrachte schade op eerste aanschrij­ven te herstellen, indien de beschadi­ging zodanig is dat deze naar het oordeel van het bestuur het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt.
  3. Indien binnen drie maanden na de dag van aanschrijving geen herstel of vernieuwing heeft plaatsgevonden, is het bestuur bevoegd tot verwijdering en vernietiging van de gedenktekens of beplantingen over te gaan, waarbij geldt dat zij voor deze handeling niet aansprakelijk kan worden gesteld, onverlet het recht van het bestuur tot herstel of vernieuwing op kosten van de rechthebbende of gebruiker over te gaan. Indien door een ondeugdelijk geworden constructie een situatie is ontstaan die gevaar oplevert voor omvallen of inzakken, kan het bestuur direct maatregelen treffen of een kortere termijn stellen.
  4. Niet blijvende beplanting op een graf die in verwaarloosde staat verkeert, kan door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op          schadevergoeding. Losse  bloemen, planten, kransen en dergelijke kunnen, wanneer zij         verwelkt zijn worden verwijderd. Linten, siervazen en derfgelijke voorwerpen worden    gedurende drie maanden ter beschikking gehouden van de rechthebbende indien die     daartoe tevoren een verzoek heeft gedaan bij de beheerder.

 

  1. Einde van de grafrechten.

 

Artikel 20.

  1. De grafrechten vervallen:
  2. door het verlopen van de termijn;
  3. indien de rechthebbende afstand doet van het recht;
  4. indien de begraafplaats wordt opgeheven.
  5. Het bestuur kan de grafrechten vervallen verklaren:
  6. indien de betaling van het gebruiks­recht en de onder­houdskosten ten behoeve van de vestiging of een verlenging van het grafrecht niet binnen drie maan­den na aanvang van die termijn is geschied;
  7. indien de rechthebbende of gebruiker – ondanks een aanmaning – in verzuim blijft een op grond van dit reglement op hem rustende verplichting na te komen of daarmee in strijd handelt;
  8. indien de rechthebbende of de gebruiker van een graf is overleden en het recht niet binnen één jaar is overgeschreven.
  9. In de gevallen als bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, en in het tweede lid, vindt geen terugbeta­ling plaats van een deel van de kosten van het grafrecht, betaalde onderhoudsbijdragen of eventuele andere kosten.
  10. Het eventueel op het graf aanwezige gedenkteken of beplanting kan gedurende een maand vóór het vervallen van een graf­recht door de rechthebbende of gebruiker van het graf worden verwij­derd. Na het vervallen van het grafrecht kunnen zij geen aanspra­ken op deze voor­wer­pen doen gelden en kunnen deze door het bestuur worden verwijderd zonder dat aanspraak is op enige vergoeding.
  11. Onverminderd het bepaalde in voorgaande leden is de rechthebbende, of degene die opdracht heeft gegeven een grafrecht te vestigen of andere diensten te verrichten, een uitvaart­verzorger inbegrepen, bij niet (tijdige) betaling van kosten die verband houden met werk­zaamheden of diensten, zonder dat nadere ingebre­kestelling is vereist, in gebreke. Het bestuur is alsdan gerechtigd om vanaf de factuur­datum aan de rechthebbende of gebruiker in rekening te brengen:
  • administratiekosten, gesteld op 10% van het factuur­bedrag, met een minimum van € 50,- per factuur;
  • alle gerechtelijke en buitengerechtelijke incassokos­ten; deze laatste worden wat omvang betreft bepaald door de door het bestuur met de inning belaste advocaat en/of incassobureau.

 

  1. Overgangs- en slotbepalingen.

 

Artikel 21.

Door vestiging van een grafrecht onderwerpen een rechthebbende en hun rechtsopvolgers, alsmede namens hen optredende uitvaartverzorgers of andere gemachtigden, zich aan de bepalingen van dit reglement, ook zoals dit eventueel nader wordt gewijzigd of aangevuld, en verplichten zij zich tot tijdige betaling van de daarop gebaseer­de kosten en tarieven.

 

Artikel 22.

Een exemplaar van dit reglement wordt bij de aanvraag voor een begrafenis en de uitgifte of verlenging van grafrechten kosteloos verstrekt en ligt voor belanghebbenden kosteloos ter inzage.

 

Artikel 23.

In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of indien verschil van mening bestaat over de uitleg van haar bepalingen, beslist het bestuur.

 

Artikel 24.

Dit reglement treedt in de plaats van alle voorgaande regelingen, besluiten en reglementen van de begraafplaats.

 

Artikel 25.

Dit reglement treedt in werking op de eerste dag na vaststelling door het bestuur.

Als dan vervallen voordien bestaan hebbende voorschriften en bepalingen op dit gebied, behoudens eerbiediging van rechten, verkregen voor de inwerking van dit reglement, voor zover niet in strijd met de wettelijke bepalingen.

 

Aldus vastgesteld door het bestuur van de Stichting Frysk Oekumenysk Wurkferbân Hjerbeam in zijn vergadering van 3 februari 2022.

 

Het bestuur van het FOWH:

 

De voorzitter:                                                        De secretaris,

(D. Hoekstra – Tuinstra).                                      (H. Frankena).

 

  1. Tarieflijst.

 

Tarieflijst bedoeld in artikel 14 van het reglement.                    2022                2023

 Aankoop begraafrecht in een ondergronds graf of reservering    € 500,–            € 525,–

bijdrage 20 jaar algemeen onderhoud begraafplaats                       € 500,–            € 550,–

Bijdrage algemeen onderhoud begraafplaats per jaar                      €   25,–            €  27,50

Afkoop bijdrage algemeen onderhoud begraafplaats 10 jr.             € 250,–            € 275,–

Afkoop bijdrage algemeen onderhoud begraafplaats 20 jr.             € 550,–            € 600,–

Afkoop bijdrage algemeen onderhoud begraafplaats 30 jr.             € 800,–            € 875,–

Akte overschrijving begraafrecht                                                                 €   35,–            €   40,–

Akte verlenging grafrecht                                                                                € 100,–            € 100,–

Plaatsing grafmonument                                                                                € 250,–            € 275,–

Wijziging tekst grafmonument                                                                      €   60,–            €   75,–

Administratiekosten                                                                                           6 %                  6%

 

Gebruik Niklaastsjerke (incl. koster, eigen organist kerk, klok)  € 300,–            € 300,–

Bij beperkt gebruik conform nadere afspraak.

 

N.B.  Het delven, openen en sluiten van een graf en de ter aardebestelling vindt plaats door of via de Begrafenisvereniging Herbaijum alsmede het voldoen van de daarvoor verschuldigde kosten.

 

Aldus vastgesteld door het bestuur van het FOWH in zijn vergadering van 3 februari 2022.